Media - Sebastiaan Kemner Trombonist - Official Website
15437
page,page-id-15437,page-template-default,ajax_fade,page_not_loaded,,qode-theme-ver-6.1,wpb-js-composer js-comp-ver-4.3.5,vc_responsive
 

Media

Sounds

World premiere of Mike Svoboda’s Triple Concerto


Video

 

Dutch Classical Talent – Ballade

Together with pianist Andrea Vasi I will perform the programme Ballade during our tour through The Netherlands as finalists of the Dutch Classical Talent award.

 

 

Schermafbeelding 2016-01-10 om 12.05.49

Podium on Tour about the NJO Muziekzomer [Dutch]

Dutch TV show about me as Young Artist in Residence at the DUtch Youth Orchestra Summer Festival (NJO Muziekzomer)

Reviews

Young Euro Classic:

Christopher Rouse Concerto with NJO Symphony Orchestra in Konzerthaus, Berlin

 

Reife Leistung

Von Tomasz Kurianowicz

 

Bei Young Euro Classic stammen die Musiker des Amsterdamer Nationaal Jeugd Orkest Symphony Orchestra nicht nur aus den Niederlande, sondern von überall. Leonard Bernsteins Stück aus dem Musical “On the Road” passt da gut.

 

Dagmar Reim, Intendantin des RBB, hat schon recht: Die Niederlande sind ein kleines Land. Sie verfügen über viel Ausland und holen sich deshalb die Welt nach Hause. Keine Not, sondern eine Tugend, wie die Patin dieses niederländischen Young Euro Classic-Abends im Konzerthaus feststellt. Und tatsächlich: Wenn man auf die Bühne blickt, sieht man, dass die Jugendlichen des Amsterdamer Nationaal Jeugd Orkest Symphony Orchestra von allen Kontinenten stammen. Dazu hat der agile Dirigent Antony Hermus auch die passende Einführung parat: die „Three Dance Episodes“ aus Leonard Bernsteins Musical „On the Town“. Das Orchester beginnt mit Verve und gewinnt dem Stück seine schrägen, quietschenden, ja geradezu burlesken Seiten ab – vor allem im letzten Satz, der die Stimmung des New Yorker Times Square heraufbeschwört, als noch Prostituierte die Straßen säumten.

 

So energetisch geht es weiter: Christopher Rouses Konzert für Posaune ist eine Hommage an den Amerikaner Bernstein und doch ein Werk von ganz eigener Kraft. Vier Musiker an Schlagwerken ringen mit steinharten Schlägen um die ohrenbetäubende Wucht der Komposition, die sich in den glasklaren Ton der Solo-Posaune von Sebastiaan Kemner mischt. Die Wände zittern, die Welt scheint unterzugehen und doch kämpft sich plötzlich ein hoffnungsvolles Zitat aus Bernsteins „Kaddish“ in die Apokalypse. Dabei stellt sich das Orchester als eines der besten des Festivals heraus: sauber, selbstsicher und mit einer individuellen Handschrift beweisen die Musiker nicht nur Reife, sondern auch Qualität.

 

Auch Richard Strauss’ überdrehtes wie Respekt gebietendes „Heldenleben“ gelingt meisterlich: Die Blechbläser überzeugen durch akkurates Team-Work, die Streicher balancieren die Komposition mit einer weichen Stimmführung aus. Strauss war erst 34, als er sein „Heldenleben“ komponierte. Die Wahl des Stücks dürfte also kein Zufall sein, denn das Jugendorchester wirkt ebenso professionell und routiniert. Erst als Dirigent Antony Hermus sich den verdienten Applaus abgeholt hat und das Publikum den Saal verlässt, fällt jede Ernsthaftigkeit von den Schultern: Zum Abschluss gibt’s ein paar juvenile Balkan-Beats zur Auflockerung.

 

http://www.tagesspiegel.de/kultur/young-euro-classic-niederlande-reife-leistung/12208736.html

 

1

 

NJO Muziekzomer:

Christopher Rouse Concerto with NJO Symphony Orchestra in Orpheus, Apeldoorn

 

NJO Muziekzomer – ook tijdens het slotconcert spatten de vonken eraf

Thea Derks

 

Badend in het zweet en toegejuicht door zowel publiek als musici, verlaat dirigent Antony Hermus zondag 17 augustus het podium na het slotconcert van de NJO Muziekzomer. Hij heeft alle reden tevreden te zijn, want de uitvoering van Ein Heldenleben van Richard Strauss in Theater Orpheus in Apeldoorn vonkte dat het een aard had. Het lastige stuk springt in zes delen alle denkbare kanten op, maar Hermus weet met zijn tomeloze inzet en enthousiasme de boel uitstekend bij elkaar te houden.

Ruimhartig vraagt de dirigent extra applaus voor de vele solisten. Onder wie concertmeester Elise Besemer, die binnen het vaak Wagneriaanse geweld met bewonderenswaardige beheersing en souplesse de stem van Strauss’ echtgenote Pauline vertolkt. Zij heeft een wonderschone toon en schakelt moeiteloos tussen de nu eens verleidelijke, dan weer capricieuze en grillige partij, zonder de grote lijn uit het oog te verliezen. In het laatste deel kreeg zij al even prachtig tegenspel van de hoornist William McNeill.

 

Messcherpe slagakkoorden en jazzy ritmiek

Ook voor de pauze was het al smullen geblazen. Hermus opende met Three Dance Episodes van Leonard Bernstein, waarin messcherpe, stravinskyaanse slagakkoorden en tedere lyriek elkaar afwisselen. Diep vanuit de heupen mee swingend, voert hij de jonge musici zwierig door de opzwepende syncopen van dit jazzy stuk; ook de lome laid-backsfeer in het derde deel weet hij goed te treffen.

 

Maar misschien wel het mooiste stuk van de avond is het Trombone Concerto van de Amerikaanse componist Christopher Rouse, met Sebastiaan Kemner als solist. De trombonist was dit jaar young artist in residence en tekende voor een aantal interessante programma’s. Zo presenteerde hij eerder in het festival onder andere de hondsmoeilijkeSequenza van Berio – een componist aan wie niet elke jonge musicus zich durft te wagen.

 

Sprookjesachtig

Ook in het sfeervolle concert van Rouse toont Kemner zich een uitmuntende koperblazer. Hij heeft een edele toon en weet zelfs de vele uiterst lage tonen nog een mooie, warme kleur te geven. De samenwerking met orkest en dirigent verloopt gesmeerd, met opmerkelijk mooi samenspel. Zijn aanvankelijk zeer spaarzame noten – vooral bestaande uit een langgerekte, dalende kleine secunde in het allerlaagste register – worden ingekleurd met geplukte strijkers en afgedempte harpklanken. Zo ontstaat een geheimnisvolle en sprookjesachtige sfeer die mij op het puntje van mijn stoel houdt: wat gaat er komen?

Mooi dat Rouse het aandurft twee verstilde langzame delen te componeren, en alleen in het middendeel flink uit te pakken met oorverdovende tutti en dolgedraaid slagwerk. Zenuwachtige drukke lijnen van de trombone worden geïmiteerd door het orkest; op het hoogtepunt van dit pandemonium slaat een van de percussionisten met een immense hamer op een enorm blok hout.

Na een intense klaagzang van de trombone keert de spookachtige sfeer van het begin terug, met ijle strijkersklanken, gedempte harpen en diep knorrende (contra)fagotten. Vlekkeloos en schijnbaar onaangedaan speelt Kemner zijn partij – zich tussendoor het zweet van zijn voorhoofd wissende met een punt van zijn bloes.

 

Geen woorden maar daden

Elk jaar weer weet de NJO Muziekzomer honderden jonge musici naar Apeldoorn te lokken en een groot publiek te trekken voor hun uitvoeringen. Jammer dat ook dit sympathieke evenement kampt met geldproblemen. Directeur Miranda van Drie meldde voor aanvang van het concert dat hoofdsponsor Univé het na dit seizoen voor gezien houdt, waardoor een flink gat geslagen wordt in de toch al schamele middelen.

Zij werd voorafgegaan door Josan Meijers, gedeputeerde van de provincie Gelderland, die mooie woorden sprak over het belang van talentontwikkeling en de musici ook persoonlijk bedankte voor hun inzet. Zij benadrukte de enorme betekenis van het NJO voor haar provincie.

Bestuurders spreken graag mooie woorden, hopelijk zet mevrouw Meijers deze om in daden!

 

http://www.cultureelpersbureau.nl/2015/08/njo-muziekzomer-ook-tijdens-slotconcert-spatten-vonken-eraf/

2

Interviews

 

YOUNG ARTIST IN RESIDENCE SEBASTIAAN KEMNER

Trombonist laat horen dat zijn instrument veel meer dan alleen ‘retteketet’ is

Trombonist Sebastiaan Kemner (1990) is dit jaar young artist in residence van de NJO Muziekzomer. In vijf uiteenlopende programma’s toont Sebastiaan aan dat de trombone een volwaardig klassiek instrument is.

Schermafbeelding 2016-01-10 om 12.12.14
Foto: Nina Kleingeld

Waarom heb je voor de trombone gekozen?
Ik vond trombones altijd cool. Die grote glimmende dingen met zo’n schuif, dat is voor een jongetje van acht natuurlijk heel stoer. En het klonk ook allemaal nog mooi! Ik heb voor de trombone gekozen en ben er nooit meer mee gestopt. Ik zat in Leiden op de muziekschool en daarna al snel bij een jeugdsymfonieorkest. Ik kom als een van de weinige trombonisten op het conservatorium niet uit de blaasmuziekwereld.

Wanneer ging je naar het conservatorium?
Toen ik zestien was, ben ik naast de middelbare school de vooropleiding in Rotterdam gaan doen. Na mijn eindexamen ben ik daar meteen begonnen aan het conservatorium. In mijn vierde jaar ben ik met de tromboneklas meeverhuisd naar Amsterdam en datzelfde jaar heb ik eindexamen bachelor gedaan. Helemaal volgens het boekje!

Hoe ben je daarna in Berlijn terecht gekomen?
Ik heb auditie gedaan voor de Herbert von Karajan Akademie van de Berliner Philharmoniker en ben uitgekozen om twee jaar lang mee te spelen in het orkest, een enorme eer. Berlijn is een te gekke stad en ik vind het ook leuk dat we daarheen gaan deze zomer!

Hoelang ken je het NJO al?
Ik ken het NJO al zolang als ik op het conservatorium zit. Toen ik in mijn eerste jaar zat, heb ik auditie gedaan en mocht ik meedoen in het orkest met Mahler 7. Ik had nog nooit in zo’n soort orkest gezeten met zo’n soort stuk en met zoveel goede mensen om me heen. Het was leerzaam, maar ook vooral gezellig met z’n allen in de Stayokay. Hierna is het er helaas niet meer van gekomen om mee te doen.

Hoe ben je young artist voor de komende Muziekzomer geworden?
Vorig jaar werd ik gevraagd door het conservatorium en ik was uiteraard enorm enthousiast; er borrelden meteen een heleboel ideeën in me op. Want ik heb hele goede herinneringen aan het NJO, ben regelmatig eens gaan luisteren en ken natuurlijk veel mensen die mee hebben gedaan. De young artist is bijna nooit een blazer en al helemaal nooit een koperblazer, dus daar moest natuurlijk verandering in komen!

In je eerste project San Marco in Gelderland speel je op de baroktrombone. Waarom?
In de late renaissance en vroege barok is veel geschreven voor baroktrombone; voor ons trombonisten een grote schat aan muziek. Wat je niet verwacht van muziek uit die tijd is dat deze enorm ruimtelijk is. Dan stonden er bijvoorbeeld vier koren in vier verschillende hoeken van de beroemde San Marco-kathedraal in Venetië te spelen, waardoor het publiek in het midden van alle kanten ‘belaagd’ werd. Deze renaissancemuziek gecombineerd met moderne ruimtelijke muziek gaan we uitvoeren met acht baroktrombones en acht zangers in de moderne basiliek van Radio Kootwijk.

Met Water Music heb je bijna een onmogelijk project bedacht. Hoezo?
Het stuk Music for Wilderness Lake van Raymond Schafer heb ik al vaak gespeeld met trombone-ensembles, maar nog nooit zoals het bedoeld is! Het stuk is geschreven om met twaalf trombones gespeeld te worden om een meer heen. We hebben een mooi meertje uitgezocht bij Kasteel Rosendael, waar het publiek in kano’s het water op gaat. Het stuk moet daarnaast gespeeld worden bij zonsopkomst en zonsondergang. Alleen het NJO is gek genoeg om te proberen dit allemaal te regelen!

Wat wil je met het programma The Unanswered Question bereiken?
Je kunt grappige dingen met de trombone doen, maar dat betekent niet dat het instrument niet ook een serieuze kant heeft. Ik wil al die kanten laten zien. Daarom heb ik gekozen voor een filosofisch programma met de titel The Unanswered Question. Alle stukken hebben iets met die ‘question’ te maken. We spelen muziek voor trombone samen met allerlei andere instrumenten: een strijkkwartet, vier houtblazers en een piano.

En dan reizen we af naar het Parijs van rond 1900 in het programma Café de Paris: Le Chat Noir.
Le Chat Noir was een beroemd café in Montmarte, de thuisbasis van onder andere Satie, Debussy en Ravel. Vele grote kunstenaars van die tijd kwamen daar en stonden op het open podium, alle stijlen en genres door elkaar, op cabareteske wijze aan elkaar gepraat door een spreekstalmeester. Deze sfeer wil ik met een trio bestaande uit trombone, accordeon en sopraan zo goed mogelijk pakken! We spelen Satie, Debussy, Franse chansons en cabaret maar willen ook – net als toen – echt hedendaagse dingen doen.

En dan speel je ook nog solo met het NJO Symfonieorkest.
We gaan het Tromboneconcert van Christopher Rouse doen. Normaal gesproken zijn tromboneconcerten vaak licht, luchtig en niet al te lang. Als er al een componist van enige klasse een tromboneconcert schrijft, is het meestal één van z’n minste werken. Maar nu niet: het stuk is ongelofelijk uitdagend en een goede combinatie tussen modern en mooi. Zo’n kans krijg je als trombonist niet vaak.

Je gaat het druk krijgen…
Het wordt hectisch, maar heel afwisselend en spannend. Ik zie ernaar uit om met zo veel van mijn muzikale vrienden te kunnen spelen en mensen kennis te laten maken met alle facetten van de trombone. Allemaal komen dus, ik heb er zin in!

http://www.muziekzomer.nl/muziekzomer/pagina.vm?id=172